WILLEMSTAD
Provincie : Noord Brabant
Opheffing : 1998 Moerdijk (1997 Zevenbergen)
Toevoegingen : -
I : 16 juli 1817
"Coupé, waarvan het eerste van sabel, beladen met
een klimmende leeuw van goud, houdende het wapenschild van Bergen;
het tweeden van zilver, beladen met 3 St. Andrieskruisen van keel.
Het schild gedekt met eene kroon van goud."
NB : de leeuw houdt het schild vast aan een gouden lint, de maliën
zijn van goud en er zijn drie palen van goud op keel. De leeuwen
zijn getongd en genageld van keel en de kroon heeft 5 bladeren.
Oorsprong/verklaring :
Willemstad is in 1564 gesticht in de toen pas bedijkte polder
onder de naam Ruigenhil in het Markiezaat van Bergen op Zoom.
Tussen 1583 en 1586 zijn er wallen aangebracht en werden stadsrechten
verleend door Prins Maurits, Markies van Bergen op Zoom. Tevens
werd de naam veranderd in Willemstad, naar Willem I van Oranje.
Van Ruigenhil is een zegel bekend met Maria en het kind, met voor
zich het schild van de familie Van Glymes. Het wapen werd gebruikt als wapen van het Markiezaat van Bergen op Zoom. Voor de verklaring zie Fijnaart en Heijningen.
De nieuwe stad kreeg een ander wapen, namelijk doorsneden met
in het bovenste deel de Brabantse leeuw, die aan linten het volgende
wapen vasthield : gedeeld, I het wapen-Nassau en II doorsneden
a: van goud beladen met drie palen van keel en b: in sinopel drie
maliën van zilver, en in het onderste deel drie schuinkruisjes
van keel op zilver. Dit laatste zijn de kruisjes uit Bergen op
Zoom in omgewisselde kleuren. Het kleine wapen is dus een combinatie
van het Glymes-wapen en het wapen van Nassau.
In 1611 werd het wapen gewijzigd, doorsneden I Nassau en II de
schuinkruisjes.
Het stadsbestuur voerde op zegels het nieuwe wapen, maar er waren
ook twee officieuze andere wapens in gebruik. Namelijk het oude
wapen en een variant : doorsneden, I gedeeld a: in goud drie palen
van keel, b Nassau en II de schuinkruisjes (oa bij Le Roy in 1730). Een vierde wapen vertoonde
drie maal de letter W, waarschijnlijk ontleend aan de stadsvlag.
Alle varianten van het wapen waren voorzien van oranjetakken als
versiering.
Verder is de spreuk "Fortitudo mea deus" (Ps 43, vs 2) nog een tijd
gevoerd.
Bij de aanvraag in 1815 is dus het oudste wapen ter bevestiging
ingezonden, met als wijziging het Glymes-wapen. Deze combinatie
is dus nooit door de stad zelf gevoerd ! Tevens werd de kroon
toegevoegd, de oranjetakken en spreuk verdwenen.
Hoewel de officiële beschrijving de kruisjes van keel aangeeft,
zijn ze op de tekening in het register zwart, dit is of een fout,
of een verkleuring.
Literatuur : Van Ham, 1986, Van den Bergh, 1878; Roy, 1730